De laatste melodie

Geschreven door: Dieuwke de Haan

31/08/2025

 

 

 

Mila

Fuck… niet weer. Adem in, adem uit. Rustig, Je bent okay Mila. WEG, je moet hier WEG. Uit deze wiskundeles en naar een rustigere plek. Shit, nee, dan krijgen je ouders zeker een mail en krijgen ze alles te weten. Laat ik dat nog even proberen uit te stellen. ADEM, verdomme je weet hoe het moet. Alles om me heen wordt luid en wild, focussen wordt onmogelijk. Ik kan nu niet zomaar de wiskundeles uit lopen, maar ik moet echt naar een privé plek. Oké, probeer even te denken Mila, ergens privé: TOILETTEN. Maar ik kan hier nog steeds niet weg. Ik begin te trillen en de leerlingen uit de klas beginnen al raar te kijken. Het wordt steeds moeilijker om adem te halen. Alsof ik alle controle over mijn lichaam verlies, storm ik het klaslokaal uit. SHIT, dat had ik niet moeten doen.

Ik loop als een kip zonder kop door de gangen en kom eindelijk bij de toiletten aan, doe de deur open en… het staat vol met meiden die hun make-up doen. Ik begin steeds meer naar adem te snakken terwijl ik op zoek ben naar het volgende toilet. Alleen deze gang nog! Ik val zowat naar binnen, terwijl ik de deur achter me op slot draai. Ik begin weer te hyperventileren, net zoals de vorige twee keren. Elke keer voelt het alsof ik doodga, alsof de lucht die ik dat moment naar binnen zuig de laatste is die ik ooit zal ademen.

Na zo’n tien minuten hyperventileren wordt het eindelijk een beetje rustiger. Inmiddels ben ik duizelig en zo misselijk, ik weet niet of ik nu eerst moet kotsen of flauwvallen. Okay, nog vijf minuten op de vloer van het toilet en dan moet je echt terug naar de les. Ik heb mijn telefoon niet mee uit de telefoontas genomen, dus het wordt iets meer dan vijf minuten, maar zodra ik weer scherp zie ga ik toch echt terug naar de… wacht, nu duurt de wiskundeles nog maar vijf minuten, dus kan ik beter niet teruggaan; zo voorkom ik de vernederende blikken.  Net wanneer ik het toilet uitloop staat Sophie ineens voor mijn neus. Ik zucht, ik heb nu echt geen zin om met haar te praten. Het is haar schuld dat ik niet meer mee mag doen aan de schrijfwedstrijd en het is niet eerlijk.

Tijdens het avondeten zei mijn zusje Emma ineens: “Hoe gaat het eigenlijk met die schrijfwedstrijd waar je aan meedoet?” De schrijfwedstrijd waar ik aan mee dééd.  Ik weet gewoon niet hoe ik mijn ouders kan vertellen dat hun zogenaamd perfecte dochter niet meer mee mag doen aan de schrijfwedstrijd waar ze door de school voor was aangewezen. Ik aarzel een beetje en ik voel gewoon dat de woorden niet meer vloeiend en volledig uit mijn mond komen. Alles begint weer een beetje wazig te worden en ik volg niet meer wat er allemaal gezegd wordt. KOM OP BREIN! Ik merk dat ik iets aan elkaar weet te brabbelen over hoe goed het gaat en dat ik prima op schema lig, ook al mag ik niet meer meedoen, heb ik niet genoeg tijd en heb ik al weken een lege ruimte waar mijn creativiteit had moeten wezen.

Emma merkt gelijk dat er iets mis is en begint over een ander onderwerp, maar het is al te laat. Hier komt de volgende ‘aanval’. Ik vraag of ik naar het toilet mag en daar gebeurt hetzelfde als bij de vorige keren gebeurde: Alles werd vaag, mijn borstkas werd strak en het voelde of ik geen lucht meer kon krijgen.

Later die avond op mijn kamer zak ik neer tegen de deur van mijn kamer. Elke avond als alle geluiden, bewegingen en gevoelens van anderen weg zijn weet ik niet meer welke gevoelens ik nou precies hoor te voelen. Elke avond als ik dan eindelijk alleen ben gaan mijn gedachten 10.000 kilometer per uur en kan ik het zelf niet eens meer bijhouden. Dat is waarom schrijven zo geweldig is. Ik moet wel rustig nadenken want anders houdt mijn pen het niet meer bij en zelfs als ik te snel of te veel denk vloeit het uiteindelijk in een vloeiende stroom van gedachten die ik weer bij kan houden.

Nadat mijn huiswerk af is, zoek ik op mijn schoollaptop elke keer kom ik weer uit op de term paniekaanvallen, en deze avond duik ik daar wat dieper in. Ik leer over ademhalingsoefeningen, herkenning van emoties en hoe ik er het beste mee om kan gaan. Ook leer ik dat ik niet de enige ben met dit probleem met het gevoel alsof ze nooit genoeg zijn en op hetzelfde moment juist veel te luid en druk zijn. De ene na de andere site vertelt me om hulp te gaan zoeken, maar hoe? Mijn ouders verwachten dat ik de wereld voor ze op mijn schouders kan dragen en op school denkt iedereen dat ik perfect ben. Dus eigenlijk sta ik er als zestienjarige opnieuw helemaal alleen voor. FUCK!

De volgende dag is Sophie niet op school. Ze is geschorst, maar omdat ze mijn beste vriendin is ben ik ineens medeplichtig en word ik ook gestraft, waardoor ik nu niet meer mee mag doen aan de schrijfwedstrijd. Tot nu toe hebben mijn ouders nog niks gehoord van het feit dat ik zomaar uit de wiskundeles ben gestormd ik hoop dat dat ook zo blijft. Nu Sophie er niet is voelt het alsof ik een steunpilaar kwijt ben die me omhooghield. Gelukkig heb ik nog een van mijn steunpilaren, Jasper is er altijd als ik hem nodig heb. Sinds de zomervakantie praat hij veel minder en moeten Sophie en ik alle uitjes en afspraken regelen. Ja, hij luistert als de beste en is altijd aanwezig, en ja, soms maakt hij ook nog steeds een grapje of twee, maar alles voelt anders rondom hem. Het is alsof zijn aanwezigheid geen emoties meer met zich meebrengt. Ik weet alleen niet hoe ik zo’n gesprek moet starten zonder het ongemakkelijk te maken. Ik maak me wel echt zorgen om hem, maar ik heb het gewoon zo ontzettend druk. Ik heb niet genoeg tijd, ik ben niet goed genoeg, niet slim genoeg, niet aardig genoeg, ik ben echt een slechte vriendin.

We probeerden Jasper wekenlang mee te krijgen om iets leuks met ons te doen, maar niks lukte. En nu, net wanneer ik zo druk ben met de komende toetsweek en Sophie en ik niet meer praten, juist nu wil hij met z’n allen gaan bowlen. Ugh… Mijn ouders zullen me ook niet laten gaan zo vroeg voor de toetsweek. Weet je wat? Ik doe het, die middag zeg ik ja, want hij heeft ons nodig en daarvoor kan ik mijn ruzie met Sophie wel even aan de kant zetten. We spreken een schooldag af zodat ik mijn ouders kan vertellen dat ik in de bieb zit te leren voor de toetsweek met Jasper.

Die dag begon al als een ramp. Ik werd laat en bezweet wakker, mijn haar wou niet goed blijven zitten en alles wat ik aantrok voelde als een jutten zak. Ik stond de hele ochtend op het punt om te exploderen van frustratie, maar zoveel emotie kan ik thuis niet laten zien. Op school zakt de woede een beetje weg, omdat ik al mijn gedachten en energie naar de lesstof kan richten. De dag vliegt voorbij en al snel is het tijd om te gaan bowlen. Ik was alle ingepakte emoties alweer vergeten toen ik Sophie en Jasper samen zag lopen.

Tijdens het bowlen hing er een soort donkere, grimmige en donderende wolk boven ons. De omgeving voelde koud en zonder teken van enige emotie aan. De muziek die ons anders aan het dansen had gemaakt voelde nu als gelach naar het feit dat onze vriendengroep uit elkaar valt, de altijd felgekleurde lampen die de sfeer hoog hielden lijken nu te grijs en de vrienden die naast me zouden moeten zitten lachen staren nu stil voor zich uit.

Sophie

Het is woensdagochtend en ik ben me klaar aan het maken om naar school te gaan, wanneer mijn broertje Matteo uit zijn kamer komt lopen. Hij zit in groep 3 en had tien minuten geleden al op school moeten zijn. Ik loop naar tante Elena’s kamer en zie dat ze nog aan het slapen is. SHIT! Ik heb echt geen tijd om Matteo naar school te brengen, zo ga ik namelijk mijn eerste uur missen. Ik loop de kamer binnen en ruik gelijk een walm van alcohol. Tuurlijk. Gelukkig is de school van Matteo niet heel ver weg. “Kom op Matteo opschieten, we moeten NU gaan!”

Zodra ik mijn eigen school binnenloop hoor ik gelijk mijn naam over de intercom. Maar wacht, dat is gek, Mila’s naam komt erachter aan. Mila doet nooit iets fout. Ik heb niet eens de tijd gehad om mijn jas uit te doen en ik moet nu al naar het kantoor van de directeur.

Mila zit al poeslief op de linker stoel als ik binnenkom. “Ga zitten.”, zegt de directeur. Ze kijkt serieus, maar op hetzelfde moment of het een gok is waar ze net niet helemaal zeker over is. “Jullie hebben vast geen idee waarom jullie hier zitten?” Ik heb wel een paar mogelijke redenen dat ik hier zou moeten zitten, maar niet waarom Mila hier nou in vredesnaam zou moeten zitten. Mila schudt lichtjes haar hoofd en de directeur gaat door met praten. “Hebben jullie dames ooit van het Instagram account: ‘de_vliet_op_dun_IJS’ gehoord?” Mila schudt haar hoofd en zegt dat het een domme naam is.  Wat ik vrij beledigend vind, omdat ik best veel tijd in het bedenken van die naam heb gestoken. Het heeft geen zin om nu nog nee te zeggen, want als wij hier zitten betekent dat dat zij bewijs heeft dat ik het heb gedaan. Toch probeer ik het. “Nee, pfft, nog nooit van gehoord en het is inderdaad echt een domme naam.”, zeg ik met iets minder zekerheid dan ik hoopte.

Blijkbaar heeft een docent mijn roddel account ontdekt, waarop ik alles openbaar maak wat de school doet dat echt niet kan. Ik snap niet waarom er zoveel dingen zijn waar de school geen actie voor onderneemt: kinderen die gepest worden, docenten die weten dat er gepest wordt, maar er niks aan doen, leraren die anderen leerlingen pesten, leerlingen pushen tot het uiterste, verwachtingen die onmogelijk te behalen zijn en docenten die leerlingen kleineren voor het feit dat ze weinig geld te besteden hebben. Niemand ziet het en niemand snapt het, dus zet ik het in de spotlight om er iets aan te doen. De docent die het account heeft gevonden heeft het aan de directeur laten zien en die heeft een leerling van de computerclub gevraagd om te achterhalen van wie het was. Ugh… ik weet zeker dat het Charlie was!

Ik snap nu nog steeds niet waarom Mila hier zit, het roddel account was van mij en mij alleen, Mila heeft daar niks mee geholpen. Ik denk dat ze niet eens weet dat het bestond voor dit gesprek. Na zo’n 20 minuten van uitleg waarom dit niet oké is en waarom het meteen neergehaald moet worden, komt ze eindelijk bij het punt waar ze uitlegt waarom Mila hier ook zit. Directeur: “We eerst alleen Sophie aan het account koppelen, maar na wat vragen aan medeleerlingen hoorden we dat ze jullie vaak samen in de pauze zagen praten met leerlingen en docenten. Hierdoor wordt Mila als medeplichtig gezien en zal zij ook een straf krijgen. Omdat we Mila’s deelnemende rol niet kunnen bewijzen, zal zij alleen niet mee mogen doen aan de schrijfwedstrijd. Aan de andere kant hebben we Sophie. Zij draagt de volle verantwoordelijkheid en wordt per direct twee weken geschorst.”

Nou tot zo ver de schooldag waar ik ook nog eens te laat kwam. Mila loopt het kantoor uit zonder mij aan te kijken. Later als ik mijn kluis leeg haal kom ik Mila in de gang tegen. Ze loopt, maar heel snel, alsof ze ergens heen moet. Ook lijkt ze buitenadem en kijkt ze heel verward om zich heen. Ik besluit om iets langer op school te blijven om te zien of het wel goed met haar gaat. Ze loopt een toilet in en ik ga ertegenover aan een tafel zitten.

Wanneer ze naar buiten komt ga ik sorry zeggen. Terwijl ik nog druk ik mijn hoofd aan het repeteren ben over wat ik allemaal ga zeggen komt ze alweer naar buiten. Okay, snel! “Hey, nog sorry voor het feit dat je bent gediskwalificeerd van de schrijfwedstrijd. Het was dom dat ze jou erbij betrokken!” Ik zie dat haar ogen roder zijn dan normaal en dat haar mouwen nat zijn, het lijkt alsof ze net heeft gehuild en gezweet, want haar gezicht glimt ook helemaal. Tegelijkertijd zie ik een soort woede naar voren komen en ineens begint ze luid en snel te praten, alsof ze snel weg moet, maar tegelijkertijd het de belangrijkste woorden zijn die ze ooit zegt. Ze zegt: “Het is jouw schuld en het feit dat jij zo je excuses aanbiedt gaat niet veranderen dat ik niet meer mee mag doen aan de schrijfwedstrijd waar ik zo ontzettend hard voor heb gewerkt.” Ik zie tranen in haar ogen springen en ik voel me machteloos. “Je had dat stomme Instagram account nooit moeten maken. Het heeft niks veranderd! Je bent niet beroemd geworden en nu moet ik met de fucking gevolgen leven!”: schreeuwt ze, waarna ze snel wegloopt en me geen tijd geeft om te reageren.

Nu doet ze alsof het mijn schuld is, ja tuurlijk, ik had dat account ook níet kunnen maken, maar het was belangrijk voor mij. Wat de school doet kan niet, het moet stoppen en als niemand dat doet dan doe ik het wel. Ik heb toch niet echt iets te verliezen. Ze snapt het gewoon niet! Maar ja, ‘little miss perfect’ doet alsof het allemaal prima is. Het was trouwens alleen een roddel account, daar zijn er honderden van in deze school. Maar natuurlijk wordt het account dat niet is gericht op leerlingen, maar juist op de docenten en school bestraft. Zoveel kwaad heeft dat account niet eens gedaan, niemand reageerde er toch op. SHIT, het is al half drie, Ik moet Matteo van school opalen!

Terwijl ik fiets alsof mijn leven ervan afhangt, denk ik terug aan onze ruzie. Ugh. Ik mis haar nu al. Nu zij niet met me praat heb ik geen huis om naar toe te vluchten na school. Van Jasper mag ik alleen naar zijn huis als hij het mijne mag zien en dat wil ik hem niet aandoen. Ook is hij vaak weg waardoor het bijna nooit kan. Ik kan ook niet naar school voor 2 hele weken, kut. De enige plek waar ik kan zijn is mijn… mijn huis, waar Matteo constant mijn aandacht nodig heeft en tante overal hulp mee nodig heeft. Ik doe alles in dat huis: schoonmaken, Matteo opvoeden, leren voor school, Matteo helpen met school, ik werk 2 bijbaantjes, help tante douchen als ze dronken is en regel alle financiële zaken in het huis. Ik snap niet waarom ik überhaupt de financiële zaken moet regelen, hoezo? We hebben geen eens geld!

De afgelopen twee weken thuis waren vreselijk en ik ben zo blij dat ik ze heb overleefd. Ik heb nauwelijks met Mila gepraat, want ze reageerde niet als ik appte of belde. Jasper was mijn grote steunpilaar door deze 2 weken. Zonder Jasper liep ik nu nog verder achter met school. Hij bracht me notities, boeken en zelfs alle roddels in de school. Hij heeft nog niet mijn thuissituatie gezien, dat kan ook niet! We hebben gewoon net niet genoeg geld om een goed leven te leiden, dus ik sprak met hem af in het park waar ik Matteo mee naar toeneem als hij wil spelen met vrienden van school.

Voor het eerst dit schooljaar heeft Jasper een uitje gepland. Op de dag dat ik voor het eerst weer terug ben op school, gaan we met z’n drieën na de lessen. Ik denk dat dit zijn poging is om mij en Sophie weer met elkaar te laten praten. Wij zijn de enige twee die hij heeft en zijn ouders zijn nooit thuis, dus hij heeft bijna niemand om mee om te gaan. Zodra we daar aankomen voelt het alsof Mila nog steeds boos op me is. Ze kijkt me niet aan, haar expressie blijft strak en als ze al tegen me praat zijn het korte en vlakke antwoorden waar je net niks aan hebt. “Kom op Mila! Je kunt niet voor altijd boos op me blijven.” Hier kreeg ik wel een antwoord dat je kon omschrijven als een volledige zin. Ze zei: “Is dat een uitdaging? Of ben je vergeten dat al mijn werk nu voor niks is geweest?” De rest van het bowlen is erg stil. Jasper doet zijn best en hij lijkt plezieriger dan normaal, maar al zijn poging om ons te laten stopen met ruzie maken eindigen in een mislukking.

Na het bowlen loop ik nog even met Mila en Jasper mee naar de bus. Jasper ziet er moe en teleurgesteld uit. Ik zeg nog eens sorry tegen Mila en toen kwam DE vraag: “Als je zou weten wat er in de toekomst zou gebeuren, zou je het account dan nog een keer maken?” Hoe kan ze me dit vragen? Ik aarzel, ik heb haar beloofd nooit te liegen. “J-ja.”

Stilte, een ijskoude stilte. Alsof je de stilte nog kon horen aan de andere kant van de wereld. Ik zie Jasper denken en vervolgens niet durven te spreken. Het voelt of de hele wereld in slowmotion gaat. Mila staat stil en loopt de andere kant op om haar tranen te verbergen. Ik voel me een verrader, een slechte vriendin, een personage uit een film of boek waarvan je hoopt dat iedereen ze snel wegduwt. Maar nu ben ik de verrader. Ik was bang om niet genoeg te doen, maar ik deed te veel en nu heb ik alles verpest! K U T.

Jasper

De gitaar die vorig jaar nog de mooiste melodieën speelde, klinkt nu zo vals dat een toondoof persoon ervoor zou wegrennen. De drums waarover de buren zouden klagen, zijn nu al maanden niet aangeraakt. En het keyboard waar ik elke dag op speelde, is nu ondergesneeuwd door een dikke laag stof. Mijn kamer is een troep, maar wat heeft het opruimen toch voor zin? De gordijnen zijn al weken niet open geweest en verzameling gebruikte borden en bekers op mijn kamer groeit en groeit.

Ik lig voor de zoveelste keer op mijn bed naar het plafond te staren. De tijd? Die ben ik vergeten en ik weet nog net of het nou dag of nacht is. Sinds vorig jaar zijn mijn gevoelens langzaam uitgestorven. In januari merkte ik dat ik steeds minder bangig voor dingen was, het voelde goed voor een week. In februari verdween blijdschap steeds meer. Ja tuurlijk, ik had momentjes dat ik moest lachen en dat ik dacht dat ik iets grappig zou moeten vinden, maar echt momenten van geluk waren weg. De concentratie woede in mijn lichaam werd steeds groter en de hele wereld leek grijs. Rond maart ging ik steeds meer eten om dat kleine beetje vreugde te krijgen, maar niks werkte. Alle positiviteit had inmiddels mijn lichaam verlaten en mijn gedachten bleven me vertellen dat er geen plek meer voor mij is in deze wereld. April: verdriet en woede verlieten ook mijn systeem. Rond juni werden de gedachten zo erg dat ik mezelf begon pijn te doen. Eerst met hobby mesjes van mijn ouders, toen met scharen en als laatste met elk klein metalen stukje wat ik ook maar kon vinden: achterkanten van potloden, punaises, ijzerdraad uit verpakkingen en uiteindelijk zelfs mijn eigen nagels als ik niks anders kon vinden. Gelukkig gingen wij niet op vakantie als gezin en kon ik de hele zomer thuisblijven, omdat mijn ouders zoveel moesten werken. Alles van juli tot nu is een soort waas, een waas van kut gedachten tot uren naar het plafond staren. Ik was aan het overleven in plaats van leven.

Ik weet nog dat ik niets vermoedend de school in liep en dat de namen van de enige twee vrienden die ik heb over de intercom hoor. Die dag eindigde Ik kan niet een kant kiezen! Ze hebben beiden fouten gemaakt en ze hebben beiden een goede reden voor hun acties. Maar toch bellen ze me allebei elke avond, het voelt goed dat iemand met mij wil omgaan, maar diep van binnen weet ik dat ze alleen bellen om over elkaar te klagen.

Ik voel me al jaren niet gezien en sinds de middelbare school word ik ook nog eens gepest vanwege mijn magere uiterlijk. Deze twee meiden hielden mijn hoofd boven water, maar nu alles tussen hen is geëxplodeerd voel ik me nog meer onbegrepen.

Voor het eerst in maanden begin ik een deuntje te neuriën. Het is licht en zweverig, alsof het je meeneemt naar een plek waar voor je gezorgd wordt, waar iedereen begrijpt wat je van ze nodig hebt. Het voelt… het voelt vertrouwd en vol zekerheid dat het wel goedkomt. Mijn vingers pingelen het deuntje nog eens na op het keyboard. Ik neem het op en na zo’n 30 minuten zitten er drums, gitaar, keyboard en zelfs een beetje zang in. Geen woorden. Er zijn namelijk ook geen woorden die dit gevoel kunnen omschrijven.

De week erna ben ik continu bezig met het muziekstuk verbeteren. En zelfs nog een ander stuk schrijven. Dit stuk klinkt speels en scherp en het heeft een vernieuwende energie vol adrenaline. Het deuntje zit vol passie en spanning.

Nadat ik Sophie en Mila anderhalve week de tijd heb gegeven om hun ruzie uit te praten heb ik er genoeg van. Dit moet stoppen, want ik houd het zo niet langer vol. Zonder mijn ouders thuis en mijn enige 2 vrienden die niet met elkaar praten, voel ik me compleet machteloos. Ik wil graag met ze afspreken om net zoals vroeger te gaan bowlen. Dat kan toch niet zoveel kwaad? Gewoon zoals vroeger met z’n drieën bowlen!

Dat had ik goed mis. Hoe hard ik mijn best ook deed, Mila bleef boos op Sophie. Ik snap het ook wel, Mila heeft zo hard gestreden voor die plek in de schrijfwedstrijd en Sophie heeft het zo snel verpest. Wat ik van Mila hoorde is dat Sophie niet eens ontkende dat Mila had meegeholpen aan het account. De hele tijd tijdens het bowlen leek de wereld grijzer dan de wereld waar ik al bijna een jaar in leef. Nadat we klaar waren ontplofte het. Mila vroeg aan Sophie of ze het nog eens zou doen als ze de consequenties wist. Sophie antwoordde: “ja” Ik snap de woede en frustratie van beide meiden, maar ik werd zelf leeggezogen van binnen toen ze me vroegen om een kant te kiezen. Hoe kunnen ze dat aan mij vragen? Ik zou ze dit nooit aandoen, maar toch doen ze het naar mij.

Die avond sneed ik dieper in mijn huid dan ooit tevoren. Bloed. Zoveel bloed had ik nog nooit gezien. Ik dacht dat het vreselijk zou voelen en dat ik zou stoppen. Maar nee. Ergens diep van binnen voelde het goed, alsof ik niet kon stoppen, want het is precies wat ik verdien. Na bijna een jaar geen gevoelens hebben gehad voelde ik, ik voelde, ik voelde Pijn.

Toen ik naar beneden moest om te eten en een trui over mijn wonden deed, toen kwam het moment van realisatie. De trui brandde met elke beweging die mijn arm maakte. Ik voelde de trui vochtig worden van bloed en de tranen sprongen in mijn ogen. Fuck it. Je emoties hebben een jaar niet gewerkt, stop ze weg want je hebt ze nu ook niet nodig. Ik loop naar beneden en veeg snel mijn tranen weg. Ik had al lang mijn tranen niet meer weg hoeven te vegen.

Op een donderdagavond, nadat ik bijna een week niet meer met Mila en Sophie heb gepraat, komt er een gedachte die ik nog niet eerder had gehad. Hij was zo sterk en doordringend dat niks het meer buiten kon houden. Het voelde als een soort verraad vanbinnen. Mijn brein, mijn eigen brein, vertelde me om mezelf te vermoorden, dat ik genoeg van mijn leven had. Niks drong deze gedachten uit. Geen deuntje of muziekstuk kon hiertegen op. Opnieuw lig ik naar het plafond te staren. Ik ben alle hoop kwijt, ik heb genoeg van het leven en zit in een lichaam waarin ik niet meer wil zijn.

De gedachten gaan niet weg, de stemmen discussiëren wat de beste manier is. “Oeh, laten we springen dan hebben we minstens eens gevlogen!”, “Nee sukkel, dan heb je het moment van spijt net na je springt.”, “Wat als we drugs halen, dan hebben we nog even een high voor onze laatste low.” Ik probeer met mijn ouders te praten, maar die begrijpen het niet. “Het is een fase.”, “normaal voor elke tiener”, “je overdrijft”, “Waarom zou jij nou depressief moeten zijn?”, “Je wilt gewoon aandacht.”, “Depressie is voor watjes.” die woorden spoken de hele nacht door mijn hoofd. Fase, aandacht, overdrijven, mijn eigen schuld. Sneller en sneller speelt het gesprek zich opnieuw en opnieuw en opnieuw af.

Die avond maak ik de muziekstukken af. Ze zijn prachtig en exact wat ze zouden moeten zijn. Mijn allerlaatste poging tot een blij einde. Die nacht doe ik iets waar de meeste mensen bang voor zouden zijn. Midden in de nacht zoek ik de slaappillen van mijn moeder. Ik weet dat er genoeg inzitten want ik moest laatst een nieuwe pot halen bij de apotheek.

Ik ga weg. Weg uit dit huis. Ik wil niet dat mijn ouders mij in de ochtend vinden. Ik loop de hele nacht naar de rivier naast de bowlingbaan. Ik ga naast het water zitten, want ik wil de zon nog een keer zien opkomen, voordat ik deze wereld een betere plek maak. Ik neem het doosje vol blauwe kleine pilletjes, pak er een hand vol en slik ze een voor een weg. Ze smaken bitter, met een vleugje zoetheid. Vlot na het slikken word ik erg duizelig en krijg ik een ontzettend onlesbare dorst. Alle kleuren zijn heel even terug. Het oranje van de zon het paarse van de nacht, het groen van de blaadjes. Alle geluiden klinken ineens vreugdig. Vaarwel.

Begrafenis

Mila zit op de badkamervloer met haar kleine zwarte jurkje aan. Ze kan het niet, voor haar lijkt het op dit moment onmogelijk om op te staan. Maar ze moet, voor Jasper, ze moet naar zijn begrafenis. “Kom op, hij zou het ook voor jou gedaan hebben.”, zegt ze met een zachte en schorre stem. Ze is ervan overtuigd dat Sophie weer een heel drama zal creëren om een statement te maken.

Maar in tegenstelling tot wat ze dacht zit Sophie in de eerste rij, met een zwart pak en rode ogen van het huilen. Zij heeft ook een van haar beste vrienden verloren. Ze dachten allebei dat ze er alleen voor stonden, maar de dood van Jasper heeft ze laten inzien dat ze er altijd voor elkaar kunnen zijn.

Na de begrafenis komt Jaspers moeder naar de twee meiden toe. Met tranen in haar ogen geeft ze hun allebei een usb-stick met een kaartje. Op de kaartjes staat:

Mila: Een deuntje zo vredig en zuiver. Voor zekerheid en veiligheid. Een melodie die je meeneemt en je zorgen wegspoelt. Dit lied geeft me het gevoel van jou.

Sophie: Een melodie vol passie en verlangen om gehoord te worden. Een lied waar de adrenaline van giert en waardoor je leven kleurrijker wordt. Een lied vol spanning, een lied zoals jij.

 

Epiloog

Ze hebben niet genoeg voor Jasper gedaan, maar ze kunnen er wel genoeg voor elkaar zijn. Jaspers verhaal leeft voort in hun vriendschap, waar niemand dezelfde genoeg meemaakt. Van nooit genoeg zijn, tot niet genoeg voorzieningen en hulp hebben, tot er genoeg van hebben.

Mila vertelt Sophie over haar paniek-aanvallen en over het gevoel alsof ze nooit genoeg kan zijn. Ze vertelt haar over de druk om altijd maar perfect te zijn en de angst iedereen teleur te stellen. Sophie vertelt Mila over hoe het thuis gaat en dat ze niet genoeg geld hebben. Ze vertelt haar dat ze meestal geen lunch meeneemt zodat Matteo kan eten en dat ze twee bijbaantjes probeerde te combineren met school.

Het volgende schooljaar neemt Mila elke dag extra lunch mee, zodat Sophie kan eten. Sophie is er voor elke paniek-aanval en doet onderzoek naar allerlei ademhalingsoefeningen. Mila geeft als het nodig is extra bijles aan Sophie, zodat ze bij kan blijven met school en twee bijbaantjes kan blijven doen.